Het heeft niets met discipline te maken.
Een tijdje geleden werd ik gebeld door Het Nieuwsblad met een simpele vraag: waarom kunnen sommige mensen op vakantie hun werk gewoon niet loslaten?
Het artikel ging over het herkenbare tafereel: iedereen zit gezellig op het terras, de zon schijnt, en één iemand zit met een half oog op de mailbox. Irritant voor de omgeving, vaak ook een beetje beschamend voor diegene die het doet. Ik snap de ergernis, maar als arbeidspsycholoog kijk ik er ook door een andere bril naar, en die tweede laag wil ik hier met je delen.
Het zit niet in je hoofd, het zit in je lijf.
Er bestaat iets wat leisure sickness heet, en het is wetenschappelijk onderzocht. Je vertrekt op vakantie en juist dan, als de druk wegvalt, word je ziek of krijg je allerlei fysieke klachten. Hoofdpijn, vermoeidheid, grieperig gevoel.
Wat er gebeurt: als je uit een periode komt met veel druk, veel adrenaline, veel cortisol, dan heeft je lichaam je wekenlang in een soort waakstand gehouden. Zodra die druk er plots afvalt, kan je systeem daar niet zomaar mee om. Je immuunsysteem raakt uit balans.
En het interessante stuk: soms is dat vasthouden aan werk, zoals dat mailtje toch snel beantwoorden of die collega toch nog even helpen, eigenlijk een beschermingsmechanisme. Je lichaam en geest kiezen liever voor een beetje controle en structuur dan voor de volle, onvoorspelbare leegte van niets moeten.
Het is dus niet ‘zwak zijn’, het is geen gebrek aan discipline. Het is je zenuwstelsel dat probeert te overleven op de enige manier die het kent.
De vraag onder de vraag
Maar er zit nog een laag onder, en die vind ik persoonlijk het meest interessant.
Stel dat je twee weken echt niets te doen hebt. Niemand die je nodig heeft, niemand die op je wacht met een vraag, geen inbox die groeit. Wat gebeurt er dan?
Voor veel mensen komt daar een ongemakkelijke vraag boven: wie ben ik eigenlijk, als ik niets te doen heb? Wie ben ik, als niemand mij nodig heeft?
Dat lijkt een simpele vraag, maar ze raakt aan iets fundamenteels. Werk is voor de meesten van ons niet alleen een bron van inkomen, het is een deel van onze identiteit. Op het werk voel je je nuttig, capabel, gezien (hopelijk). En als dat wegvalt, ook al is het maar voor twee weken, kan dat een soort van innerlijke stilte veroorzaken waar we niet allemaal even comfortabel in zijn.
Dus als jij (of je partner) die vakantiemens bent die stiekem toch blijft werken: wees niet te streng voor jezelf. Er zit hoogstwaarschijnlijk een stem in jou die zegt: als ik stop, besta ik minder. Die stem probeert je te beschermen, ook al voelt het van buitenaf als een vervelende gewoonte.
Wat je ermee kan doen
Ik geloof niet in een simpel “Leg die telefoon toch gewoon weg.” Dat werkt niet, omdat het het onderliggende mechanisme negeert. Wat wel helpt:
- Wees nieuwsgierig in plaats van veroordelend: naar jezelf, of naar je partner. In plaats van “Waarom kan jij dat nu niet loslaten”, probeer: “wat zou er kunnen gebeuren als je twee weken niet werk?”. Vaak zit daar een angst onder die het waard is om samen te bekijken.
- Maak concrete afspraken, geen verboden. Iemand verbieden te werken op vakantie werkt averechts. Een kwartiertje ’s ochtends om mails te checken, en dan echt dicht. Dat werkt vaak beter, voor beide partijen.
- Erken dat het een deel van je identiteit raakt. Het is niet gewoon een gewoonte die je ‘afleert’, het is een stukje van hoe je jezelf waardevol voelt. Dat mag er zijn, ook als het soms vervelend is voor de mensen om je heen.
Wat me het meest boeit aan dit soort patronen, en waarom ik dit werk doe, is dat ze bijna nooit gaan over discipline of wilskracht. Ze gaan over welke stem in jou het hardst roept, en waarom. De stem die zegt ‘blijf actief, blijf nuttig’ wint het dan van de stem die weet dat er ook rust, leegte en gewoon-zijn mag zijn. Herken je dat bij jezelf? Die stem die maar niet stil wil vallen, ook als de rest van je het hard nodig heeft?
Als dat zo is, en je merkt dat het niet alleen over vakantie gaat maar over hoe je je job of leven al langer invult, dan is de WERK.GOESTING Journal een mooie eerste stap om dat rustig uit te pluizen. Geen quick fix, gewoon een paar goede vragen om zelf mee aan de slag te gaan.